Clio en de Menswetenschappen:

 

Max Webers 'Die Stadt' en de Gentse Historische School.

 

Anton Froeyman

 

Scriptie voorgelegd aan de Faculteit Letteren en Wijsbegeerte,
voor het behalen van de graad van
Licentiaat in de Geschiedenis.

Academiejaar: 2003-2004

Universiteit Gent

Promotor: Dr. Jan Dumolyn

 

home lijst scripties inhoud volgende  

 

Dankwoord  

 

Probleemstelling

 

I. Algemene Context en Analyse van Die Stadt

    1) Een Geschiedenis van Clio: De Ontwikkeling van de MediŽvistiek

        1.1) Het Ontstaan van de Geschiedschrijving

        1.2) De negentiende Eeuw

        1.3) MediŽvistiek als Beroep

        1.4) Het eerste methodologisch Breekpunt: 1885-1914

        1.5) De twintigste Eeuw

        1.6) Opmerkingen 

    2) Max Weber: een Biografie

    3) Webers Oeuvre

        3.1) Webers centrale Vraagstelling

            3.1.1) Het Westers Kapitalisme 

            3.1.2) De moderne Staat en Bureaucratie

            3.1.3) Het moderne Recht

            3.1.4) De moderne Wetenschap

            3.1.5) De moderne Muziek en Kunst

            3.1.6) Het moderne Individu

        3.2) Methodologie

            3.2.1) Waardenvrijheid

            3.2.2) Ideaaltypische Analyse

            3.2.3) Het Verstehen

        3.3) Ideaaltypisch Begrippenapparaat

            3.3.1) De Sociologie van het Handelen

            3.3.2) Staatssociologie

            3.3.3) Godsdienstsociologie

        3.4) Het Ontstaan van de Westerse Rationaliteit

        3.5) Opmerkingen

    4) Die Stadt

        4.1) Concepten en CategorieŽn van de Stad

        4.2) De Westerse Stad

        4.3) De PatriciŽrsstad

        4.4) De PlebeŽrsstad

        4.5) Democratie in de Middeleeuwen en de Oudheid

        4.6) Opmerkingen

    5) Intellectuele toe-eigening: De receptie van de Die Stadt in de Angelsaksische  Wereld 

        5.1) Don Martindale (1958)

        5.2) Analyse

        5.3) Engin Isin (2003)

        5.4) Martin Spencer (1977)

        5.5) Opmerkingen

        5.6) Conclusie

 

II. De Gentse Historische School

    1) Inleiding

    2) Henri Pirenne

        2.1) Leven

        2.2) Werk en IdeeŽn

            2.2.1) líHistoire de Belgique

            2.2.2) Mahomet et Charlemagne

            2.2.3) Het Ontstaan van de Steden in West-Europa 

        2.3) Intellectuele toe-eigening: Jan Dhondt en Bryce Lyon

        2.4) Pirennes Middeleeuwse Stad

            2.4.1) Het Ontstaan van de Steden

            2.4.2) De Handelaars

            2.4.3) De Omverwerping van het Heerlijk Gezag

            2.4.4) De Steden onder de Regering van de Bourgeoisie

            2.4.5) Le SoulŤvement du Commun

        2.5) De Relatie tussen het Werk van Henri Pirenne en van Max Weber

    3) FranÁois Louis Ganshof

        3.1) Leven

        3.2) Werk

        3.3) Ganshofs Middeleeuwse Stad

        3.4) IdeeŽn

    4) Hans Van Werveke

        4.1) Leven

        4.2) Werk

        4.3) Van Wervekes Middeleeuwse Stad

    5) Jan Dhondt

        5.1) Leven

        5.2) Werk

        5.3) IdeeŽn

    6) Adriaan Verhulst

        6.1) Leven

        6.2) Werk

        6.3) Verhulsts Middeleeuwse Stad

        6.4) IdeeŽn

    7) Raoul Van Caenegem

        7.1) Leven

        7.2) Werk

        7.3) IdeeŽn

    8) Conclusie

        8.1) De Gentse School: een Ideaaltype

 

III. Conclusie

    1) Max Weber en de Gentse Historische School

    2) Die Stadt, historische Sociologie en de Stadsgeschiedenis

    3) Intellectuele toe-eigening

 

IV. Bibliografie

 

V. Bijlagen

    1) Interview met Raoul Van Caenegem

    2) Brief van Philip Grierson

    3) Brief van Philippe Godding

 

home lijst scripties inhoud volgende